Posts tonen met het label Ganzen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Ganzen. Alle posts tonen

zondag 13 januari 2013

Takkenfoto's....

....en een gouden uurtje.

Smient (Anas penelope, Wigeon)
Een prachtige dag lacht me toe als ik de gordijnen opendoe. Zo'n dag die meteen uitnodigt om naar buiten te gaan wat ik dan ook, na een verlaat ontbijt, doe. Ik ben de bebouwde kom achter mijn huis net uit als ik in mijn spreekwoordelijke achtertuin heel veel bruine stippen zie. Yes, Kollen. En Rietjes, en Brandjes. En zo'n dikke 100 Wulpen. Alleen al om de mooie melancholische roep van de Wulp te kunnen horen, doe ik het raam van de auto open.

Wulp (Numenius arquata, Eurasian Curlew)
Wulp (Numenius arquata, Eurasian Curlew)
Ondertussen babbelen de ganzen tegen elkaar. In vrij korte tijd vind ik tot mijn genoegen 10 halsringen. Dat gaat wel erg gemakkelijk. Verder wandelen er 3 Kleine rietganzen in de groep, dat zijn vrij kleine lichtbruine gansjes met roze poten en een roze snavel met een zwarte punt en je ziet ze niet veel in onze omgeving. Ze zijn dus echt anders dus dan de Toendrarietganzen die wat donkerder en groter zijn, en oranje poten en een oranje met zwarte snavel hebben. Maar ganzen laten we vandaag even want ik had een ander idee.

Het doel voor vandaag is, onder andere, een bezoekje aan het Oortjespad en de Hollandse kade tussen Kamerik en Kockengen. Als ik de auto parkeer bij de Hollandse kade en de deur open doe, hoor ik direct het 'zeurderige' gebabbel van Sijsjes tussen het gesputter van de Putters. Omhoog kijkend zie ik diverse groepjes kleine vogeltjes ondersteboven, achterstevoren en heen en weer flitsend foerageren. Ik wandel een stukje omdat ik heb gehoord dat er ergens een Ransuil moet zitten. Die zit er inderdaad maar wel zo dat je meer tak dan uil ziet. Ik maak m'n eerste takkenfoto's.

Ransuil (Asio otus, Long-eared owl)
Na de Ransuil, die door een blaffende hond eventjes een half oog opendoet maar vervolgens weer verder dut, loop ik weer richting snelle kleine vogeltjes. Naast en boven me hoor ik prrt prrt prrt. Ah, Staartmezen. Even later hangen ze ondersteboven en achterstevoren aan de takken. Telkens als ik denk, "NU!", dan is ie weg. Ik denk best heel vaak, "NU!", maar helaas, het zijn slechts takkenfoto's. De Staartmezen verdwijnen net zo snel als ze gekomen zijn. Mijn oog valt op een Winterkoning maar ook die verdwijnt tussen de takken van een braamstruik, spoorloos.

Dan de Putters, wat zijn ze mooi zo in het zonnetje met hun knalrode koppies, hun witte halsband en hun gele vleugelbaantje. En wat zijn ze hopeloos om te fotograferen. Op 10 meter hoogte, achter de elzenpropjes en wat er nog meer zoal in en aan een boom hangt, takken bijvoorbeeld. Ik heb als resultaat een foto met tak dwars voor het hoofd, een foto met tak midden voor het hoofd, een foto met elzenkatjes dwars voor langs en jawel ik heb een foto waar de hele Putter zonder storende elementen op staat. Die is bewogen. Zucht.  Maar desondanks sta ik me toch enorm te amuseren. De takkensijsjes laat ik ook maar gaan want ik heb gezien dat er heel af en toe vogeltjes aan de rand van het slootje gaan zitten om te drinken. En zo lukt het me dan toch nog om één matige foto van een Sijsje te maken, die dan ook nog eens 100% gecropt is, dus de scherpte laat nogal te wensen over. Gelukkig heb ik betere foto's in mijn archief.

Sijs (Carduelis spinus, Eurasian Siskin)
Een huismus vrouw is een stuk gewilliger, ondanks dat ze tussen en op takken zit, is het in elk geval nog een beetje fatsoenlijke foto.

Huismus (Passer domesticus, House Sparrow)
Na een tijd heb ik zulke koude handen dat ik de ontspanner van mijn camera niet meer ingedrukt krijg. Tijd om terug de auto in te gaan. Via het Oortjespad waar de vogeltjes bijna voor een nek-hernia zorgen, rijd ik naar polder Groot Mijdrecht. Ik kan het toch niet laten om mijn eigen polder nog een bezoekje te brengen. De zon is al aardig gezakt en kleurt het water en de eendjes. Een paartje Bergeenden laat zich met veel moeite vastleggen. Het is om twee redenen niet eenvoudig, ze zijn schuw en lastig goed te belichten. Het wit is al snel overbelicht en verliest daardoor detail.

Bergeend vrouw (Tadorna tadorna, Shelduck)
Daarna wil een Wilde eend wel gemakkelijk op de foto en dat is dan wel weer een momentje om van de genieten. Dat smaragdgroene koppie zo glanzend in de zon, heerlijk.

Wilde eend (Anas platyrhynchos, Mallard)
Het mooiste fotomoment van de dag is als ik de Smientjes kan vastleggen. Het gouden uurtje tovert de toch al zo mooi gekleurde kleine eendjes en het water om in prachtig warme tinten.

Smient man (Anas penelope, Wigeon)

Smient vrouuw (Anas penelope, Wigeon)

Smient setje (Anas penelope, Wigeon)
Aan alles komt een einde. Ook aan deze heerlijke dag. Als allerlaatste rondje rijd ik nog even langs de Proostdijerdwarsweg waar een groep ganzen staat waar ook een groepje Kramsvogels loopt te foerageren. Ik pak mijn telescoop en tuur door de al vochtig wordende lucht naar de Kolganzen. En ach, daar zijn ze weer: mijn Rusjes. De 1CU en de 1HG met hun twee koters. Het is de 22e keer dat ik ze aflees en met heel veel moeite fotografeer ik ze. Eindelijk. Niet voor het mooi maar als herinnering aan de grenzeloze liefde. Ik begrijp het als mensen dit niet snappen en mij (een beetje) gek vinden. Als ik het maar snap :-).

Kolganzen (Anser albifrons, White-fronted geese). Gezin uit 'From Russia with love'.
 Morgen ben ik weer vrij, en als het zo blijft weet ik waar ik morgen te vinden ben!

P.s. Mijn man gaf mij een link die ik iedereen kan aanraden om eens te bekijken. Er zitten echt bizarre paddenstoelen bij.

De top 10 van 'coole' Paddenstoelen.

maandag 7 januari 2013

Dagje Texel

Gisteren, zondag 6 januari gingen Maria en Peter, Robert en Frank van der Meer (de 'Meermannen') en ik een dagje naar Texel. We wilden er een 100 soorten dag van maken maar we zijn bij zo'n 80 geëindigd. Toch ook een heel mooi aantal in januari. De eerste waarneming was die van een Lepelaar bij de Petten. Het was nog vroeg in de ochtend en het licht was nog heel mooi.

Lepelaar (Platalea leucorodia, Spoonbill)
We hadden wat wenssoorten, Maria en ik. Wij zijn nog niet zulke doorgewinterde vogelaars als de Meermannen. Een soort die we allemaal graag wilden zien was de Zwarte Zeekoet. Over de Zwarte Zeekoet kun je al raden wat ik ga schrijven. Hij is niet zwart. Dat wil zeggen, niet in winterkleed. Dan is hij grijs-wit-zwart maar met zijn mooie rode pootjes en de rode binnenkant van zijn snavel is hij toch kleurrijk. Robert vond hem als eerste op een plek waar deze vogel al langer rondhangt, of eigenlijk -zwemt. Hij liet zich fantastisch zien en vastleggen en daarbij waren de zonovergoten dag en de mooie weerspiegelingen in het water een bonus waar we allen van genoten. Hij dook veelvuldig, waste en poetste, klapperde 'staand' in het water en ving een visje, een paling of aaltje zo te zien. Een uur vloog voorbij en wij vermaakten ons prima met deze fotogenieke zeevogel.

Zwarte Zeekoet (Cepphus grylle, Black guillemot)

Zwarte Zeekoet (Cepphus grylle, Black guillemot)
Zwarte Zeekoet (Cepphus grylle, Black guillemot)

Zwarte Zeekoet (Cepphus grylle, Black guillemot)
Na de Zwarte zeekoet vaarwel te hebben gezegd, reden we over het zonovergoten Texel naar diverse mooie vogelplekken. Onderweg zochten we een groepjes Rotganzen af en vonden twee keer een Witbuikrotgans. Je weet wel, die ook bij mij in de polder zit, waar hij helemaal niet thuishoort. Het voordeel op Texel was, dat deze Witbuiken zich lekker lieten fotograferen, zodat nu in elk geval voor degenen die niet weten hoe het beestje eruit ziet, ik hier wat foto's kan laten zien.

Witbuikrotgans (Branta Hrota, White-bellied brent goose)
Witbuikrotgans (Branta Hrota, White-bellied brent goose)
Na de middag gingen we naar de Slufter want dáár zaten de Strandleeuweriken. Een droomsoort die ik zo ontzettend graag wilde zien. Het was wel een eindje lopen maar toen ging mijn wens in vervulling. In de telescoop kon ik deze wondertjes van de natuur bekijken. Het zijn prachtige vogeltjes met hun gele gezichtjes, zwarte maskertjes en als je geluk hebt zie je hun 'hoorntjes'. Na ze bekeken te hebben en ik een helemaal geslaagde dag had, pakte ik de camera en maakte nog wat foto's. Helaas op een best grote afstand en met een luchtvochtigheid van bijna 100%, hetgeen ik onmiddelijk terugzag op het display van mijn camera. Hieronder plaats ik toch een foto, omdat ik hem zo grappig vind. Voor het mooi moet ik echter nog een keer terug.

Strandleeuwerik (Eremophila alpestris, Shore lark)
Aangezien de Strandleeuwerik in de winter in Nederland verblijft moet ik er maar niet te lang mee wachten. Ze broeden in de bergen boven de boomgrens. Dus als er ooit, binnenkort nog eens een mooie zonnige dag is, reis ik misschien nog wel eens af richting Texel.

Tenslotte nog een foto van een vogel die iedere vogelfotograaf al eens heeft gemaakt. De Steenloper. Een van onze bekendste strandlopertjes, niet schuw en bijna altijd goed te fotograferen. Hij is in winterkleed. In zomerkleed is hij totaal anders maar je hebt geluk nodig om hem in Nederland in zomerkleed te zien.

Steenloper (Arenaria interpres, Turne stone)

De Steenloper heet in het Engels 'Turn stone' en dat is eigenlijk een betere naam (hoewel hij ook best wel veel op stenen loopt). Hij keert namelijk met zijn snavel steentjes en zeewier om om voedsel te zoeken.

We hebben natuurlijk nog veel meer leuks gezien. Onder andere Drieteentjes, Kanoeten, veel soorten meeuwen, roofvogels en niet te vergeten een Dagpauwoog! Ook dat was een bijzondere waarneming.

Maria heeft veel meer foto's gemaakt en zal proberen om ook een blog te maken maar er zijn problemen met het uploaden van foto's. Zodra dat verholpen is kun je op haar blog ook een verslag bekijken.

Geluk zit in kleine dingen zoals een kort uitstapje naar Texel. Met zon en droomvogels.

Ik kijk terug op een heel gezellige, leerzame en heerlijke dag in goed gezelschap. Maatjes bedankt!

donderdag 3 januari 2013

Spiegeltje spiegeltje......

Een Roerdompblog had ik beloofd en ik ga de Roerdompfoto's dan ook verderop plaatsen. Maar eerst moet ik toch even iets over het fantastische vogelbegin van 2013 kwijt. Tenslotte, waat het hart vol van is, loopt de mond, of in dit geval de virtuele pen, van over.

Gisteren reed ik een beetje rond in de polder op zoek naar ganzen en wat er zoals nog meer in de polder rondhangt. Binnen vijf minuten zag ik een Torenvalk die een Grote Dode Vogel aan het verscheuren was. Darmen, veren, pezen en stukken vlees werden uit elkaar getrokken en waar mogelijk opgegeten. Kennelijk had de Torenvalk nogal honger want ze negeerde mij volkomen en dat gaf me de gelegenheid wat foto's te maken waarvan de onderstaande er eentje is.

Torenvalk (Falco tinnunculus, Kestrel)
Een klein half uurtje bleef ik de dame gadeslaan die haar buikje maar niet vol kreeg. Ook zij had een 'lekker' nieuwjaar.

Uiteindelijk liet ik de Torenvalk achter me en reed richting Wilnis om ganzen te gaan zoeken. Even later werd ik gebeld. Een blik op de telefoon zorgde al voor een gezonde spanning want het was vogelmaatje Kees. Als hij belt, staat hij meestal naar een 'harde soort'* te kijken. Dat was ook zo. Kees had een Zwarte Rotgans in beeld, een vette zeldzaamheid in het binnenland. 10 minuten later stond ik naast Kees achter de Groene Jonker in mijn eigen telescoop naar een overduidelijke prachtige Zwarte Rotgans te kijken. Zulke ontdekkingen zijn voor ons echte top momenten. Zo'n beest hoort aan zee en zelfs daar is hij zeldzaam. De enorme groep ganzen afspeurend ontdekte ik even later (de) (een) Witbuikrotgans. Die had ik al eens eerder gevonden in de polder en is ook een 'harde soort'*.

* Harde soort = term die vogelaars gebruiken voor een (zeer) zeldzame vogel.

Het was wel een beetje bizar en Kees en ik waren allebei erg in ons sas.
Er zaten een paar duizend Kolganzen, honderden Grauwe ganzen en Rietganzen en wat Brandganzen. Een gewone Rotgans, die je hier in het binnenland sporadisch ziet, ontbrak in het geheel maar z'n twee super zeldzame neefjes liepen er zomaar tussen. Ik stuurde een sms de wereld in naar de regionale vogelaars en Maria, Huib en Eric haalden nog net voordat een boer de enorme groep ganzen de lucht in joeg, twee nieuwe regiosoorten binnen. Foto's van het geheel zijn slechts voor mijn archief, te beroerd om hier te plaatsen.

En passant zag ik nog een Ruigpootbuizerd, dus die pikten Kees, Eric en ik ook nog even mee. Twee uur later, nadat ik de eerste Wilde Zwanen van deze winter had gezien, vond ik vlak voor het donker de twee speciale Rotganzen terug aan een andere kant van de Groene Jonker en zo kon Rick, nog net in het laatste licht, ook de twee soorten bijschrijven.

Zo, dat moest ik even kwijt.

Nu over naar de Roerdomp. Geen 'harde soort' maar wel een moeilijke soort. De Roerdomp is een reiger die leeft en broedt in, het liefst uitgestrekte, rietvelden. Roerdompen verstaan de kunst zich tussen het riet vrijwel onzichtbaar te bewegen. Soms, bij onraad, staan ze als een paal rechtop en deinen mee met het bewegende riet. Om een Roerdomp te ontdekken heb je geduld en oefening nodig.

Roerdomp in klassieke paalhouding (Botaurus stellaris, Bittern)
Gelukkig heb ik in de afgelopen jaren op diverse plekjes in onze omgeving Roerdompen gevonden en als ze zich veilig voelen en je zelf rustig blijft, kun je ze soms heel mooi bekijken en fotograferen.

Roerdomp (Botaurus stellaris, Bittern)
Hij vind het veilig genoeg en komt langzaam het riet uit geslopen. Let ook eens op zijn donkerrood gekleurde iris en zijn groenachtige poten met tamelijk imposante klauwen!

Roerdomp (Botaurus stellaris, Bittern)
Roerdomp (Botaurus stellaris, Bittern)
Gegeten heeft hij zo te zien al genoeg.

Roerdomp (Botaurus stellaris, Bittern)
Als het buikje gevuld is, is een flinke slok om de boel weg te spoelen altijd heel erg lekker.

En dan komt het mooiste moment: Spiegeltje spiegeltje aan de wand, wie is de mooiste Roerdomp aan de waterkant?

Roerdomp (Botaurus stellaris, Bittern)
Roerdomp (Botaurus stellaris, Bittern)
Allemaal bedankt voor het lezen en kijken en alle reacties die ik steeds krijg. Die maken het blog bijhouden extra leuk.

maandag 24 december 2012

From Russia with love.

Het was begin december 2009, om exact te zijn de 2e, toen ik hen voor het eerst tegenkwam. Het was een bijzondere dag die 2e december. Het zou volle maan zijn en omdat er die maand nog een keer volle maan zou zijn, sprak men over 'Blauwe maan'. Echter tijdens onze ontmoeting was het gewoon nog dag. Een dag zoals we die hier vaak meemaken in december: regen en wind.

Ik vroeg me af waarom ze nu juist Nederland, en meer bepaald 'De Ronde Venen' hadden uitgezocht, dat enigszins verlegen Russisch paar. Voor zover ik het kon begrijpen waren ze in mei een tijdje in de buurt van Kologriv geweest, een klein stadje in Rusland dat aan de rivier de Unzha ligt die in de Wolga stroomt. Het overstromingsgebied van de Unzha is een schitterend natuurgebied en daar had hun huwelijk zich op 8 mei 2009 voltrokken. In het najaar waren ze via Duitsland naar Nederland gereisd en blijkbaar was ik op die 2e december 2009 de eerste Nederlandse die echt aandacht voor ze had.
In diezelfde maand kwam ik ze nog twee keer tegen. Ze waren Waverveen en omgeving aan het verkennen maar bleven altijd dicht bij elkaar. Slechts een keer kwam ik alleen hem tegen, ik schrok er van, ze waren immers altijd onafscheidelijk geweest. Was er iets mis misschien?

Gelukkig kwam ik ze daarna weer samen tegen. In januari en februari van 2010 waren ze ook nieuwsgierig geworden naar enkele dichtbij gelegen plaatsjes. Ik ontmoette ze in Wilnis en zelfs een keer in Mijdrecht. Misschien waren zij ook nieuwsgierig naar waar ik vandaan kwam? Toch bleven ze verlegen en altijd als ik ze wilde fotograferen draaiden ze zich om.

Toen brak er een periode aan van maanden waarin ik ze niet zag, in maart zocht ik lang maar tevergeefs en uiteindelijk gaf ik het op. Ze waren vast teruggekeerd naar Rusland. Een zoektochtje op het internet  bevestigde mijn vermoeden: in maart waren ze eerst naar Denemarken geweest en in mei 2010 waren ze weer terug in Kologriv waar ze al snel gesignaleerd werden.

Ondertussen verstreken de maanden in Nederland en ik dacht niet vaak meer aan het Russische paar dat mij zo had gefascineerd. Tot ik, een klein jaar na de eerste ontmoeting, hen weer tegenkwam. Ik herkende ze direct, het Russisch echtpaar. En wat vond ik het leuk om ze terug te zien. Blijkbaar had ik ze onbewust in mijn hart gesloten. Ook de daaropvolgende maanden kwam ik ze met regelmaat tegen en net als eerder vertrokken ze zonder afscheid te nemen. Gelukkig wist ik ze te vinden op internet en zag ik dat ze na wat omzwervingen weer terugkeerden naar Kologriv, een patroon dat zich nogmaals herhaalde in de herfst van 2011 en in het voorjaar van 2012. Inmiddels hadden ze samen al heel wat van de wereld gezien en vele kilometers gereisd. In de herfst stak het verlangen om naar Nederland te vertrekken de kop op en zo kwamen ze samen weer naar hier. Elk voorjaar wilden ze net zo hard weer weg en brachten de zomer door in hun geliefde Rusland. Daar waar hun relatie ooit begonnen was.

Afgelopen 9 december dwaalde ik door de polder. Groot was mijn verrassing toen ik het Russische echtpaar weer tegenkwam. Twee straten verder dan waar ik ze drie jaar geleden voor het eerst had ontmoet. Nog steeds waren ze samen en onafscheidelijk. En ze hadden een verrassing voor me, ze hadden twee kinderen bij zich!

Uiteraard probeerde ik weer al het mogelijke om ze op de foto te krijgen maar dat bleven ze halsstarrig weigeren. Ze hadden me al zoveel geheimen onthuld maar een familiefoto ging te ver. Tot op vandaag blijft dat zo. Vanmiddag, toen ik ze weer tegenkwam, hij en zij met de kinderen waren ze te ver weg om mij te kunnen zien. Gelukkig herken ik hen altijd, de ringen die hun verbintenis zo mooi weergeeft, verraden hen zonder dat ze het weten. Zelden heb ik zo'n liefdevol koppel gezien. Altijd letten ze op elkaar om de ander te behoeden of te waarschuwen voor onraad en ze wijken niet van elkaars zijde. Nu hebben ze de zorg voor twee kinderen erbij maar ook dat gaat ze goed af. Het klinkt misschien vreemd maar ik ben aan ze verknocht en gehecht. Trots dat ze elk jaar het opnieuw aandurven om hun land te verlaten, te vliegen door regen, wind en storm, over land en water. Altijd samen, altijd trouw. Dat vertedert me. Onvoorwaardelijke liefde bekroond met twee kinderen die ze het vertrouwen hebben gegeven met hen mee te reizen. Door regen, wind en storm, over land en water. Om grenzen te verleggen, om nieuwe werelden te vinden. Tot ook zij op reis gaan met hun eigen geliefden.
Ik heb ze in mijn hart gesloten. Mijn Rusjes.



Nawoord:
De bovenstaande kaartjes komen van de website www.geese.org. Daar vul ik alle door mij afgelezen ringgegevens in. Inmiddels heb ik 1073 ganzenringen afgelezen waarvan ruim 800 Kolgansringen. Kolganzen overwinteren voor het overgrote deel in Nederland en de volwassen exemplaren zijn te herkennen aan hun chocoladebruine kleur, de zwarte strepen op de buik en een witte ring om hun snavel. Ze foerageren en vliegen in grote groepen en elk jaar zijn er in de polders in 'De Ronde Venen' grote groepen Kolganzen te vinden. Ze zorgen bij mij voor heerlijke uurtjes in de polder. Er is altijd wel iets leuks te zien in zo'n groep. Je hebt de macho's, de verlegen ganzen en soms zijn ze ineens met z'n allen tegelijk heel alert en staan met gestrekte hals te kijken. Als ze vliegen laten ze hun hoge gegak horen en als ze landen kantelen ze van links naar rechts met gespreide poten, wat er meestal nogal komisch uitziet.

Dit keer dus eens een ander soort blog, geen spannende of mooie foto's maar een verhaal over de liefde van en voor de Kolgans.



En hoe passend is de tekst van 'From Russia with love'

From Russia with love I fly to you
Much wiser since my goodbye to you
I've travelled the world to learn
I must return from Russia with love

I've seen places, faces and smiled for a moment
But oh, you haunted me so
Still my tongue tied, young pride
Would not let my love for you show
I case you say no

To Russia I flew but there and then
I suddenly knew you'd care again
My running around is through
I fly to you, from Russia with love

(Uit James Bond - From Russia With Love, 1963) 


zondag 11 november 2012

Fantastische zon-dag in de polder! Vogels kijken is geluk.

Terwijl de zon met haar stralen langs de bomen en velden streelt, rijd ik de polder in. Het is al wat later in de middag vanwege andere verplichtingen, maar van deze heerlijke zon-dag wil ik nog even buiten genieten.

In bijna elk slootje staat wel een reiger te wachten op een visje, kikker of ander lekkers.

Blauwe reiger (Ardea cinerea, Grey heron), archieffoto.
Blauwe reiger (Ardea cinerea, Grey heron), archieffoto.
Blauwe reigers wisselen de Grote zilverreigers af die extra opvallen omdat de herfstzon hun witte verenpak weerkaatst.
Grote zilverreiger (Casmerodius albus, Great white egret), archieffoto.
In de polder bij Wilnis hangt een Torenvalk te bidden en op heel wat paaltjes zitten Buizerds te genieten van het mooie weer of te wachten op iets lekkers.

Torenvalk (Falco tinnunculus, Kestrel), archieffoto.
Buizerd (Buteo buteo, Common buzzard), archieffoto.

Buizerd (Buteo buteo, Common buzzard), archieffoto.

Bij het 'Donkereindse bos', dat geen bos is maar een piepklein recreatieterreintje met een picknicktafel, een watertje en bomen en struikjes, buig ik even af. Hier staan veel elzen en ook bessenstruikjes. Meteen valt me een grote groep Vinken op. Zou er een Keepje bij zitten? Rustig wacht ik tot de groep ook weer tot rust is gekomen en opnieuw begint te foerageren. Met de verrekijker speur ik het groepje langs. Ja hoor, een Keepje foerageert tussen de Vinkjes. Wie van herfstkleuren houdt, sluit Keepjes en Vinkjes meteen in het hart. Het zijn gevleugelde herfstkleurtjes.

Keep (Fringilla montifringilla, Brambling), archieffoto.
Keep (Fringilla montifringilla, Brambling), archieffoto.
Vink (Fringilla coelebs, Chaffinch), archieffoto.
Na het Donkereindse bos rijd ik verder naar mijn eigen polder Groot Mijdrecht. Dat is maar een klein stukje want Wilnis en Mijdrecht grenzen aan elkaar. In de door de zon betoverde lucht zie ik grote groepen Kolganzen aankomen.
Snel doe ik mijn raam open om hun hoge geluid op te vangen dat hier zo thuishoort in de polder.
 '...de zang van vogels streelt mijn oor...'
De groep strijkt neer langs de Proostdijerdwarsweg. Meer dan 2000 Kolganzen gaan eten, drinken, badderen of even uitrusten. Voor mij dé gelegenheid om de groep af te speuren op halsringen.

Na de auto geparkeerd te hebben in de berm, speur ik met de telescoop langzaam de groep af. Al vrij snel zie ik een gans die hevig aan het poedelen en schudden is in een klein slootje. Hij heeft een zwarte halsring om met de code 5PT in witte letters. Voor zover ik me herinner, een voor mij nieuwe gans. Of dat klopt kan ik thuis opzoeken als ik de ringcode heb ingevoerd in www.geese.org. Dat is de website waar je afgelezen ganzenhalsringen kunt invoeren. Het leuke daarvan is, is dat je direct daarna een rapport kunt opvragen met de ring- en afleesgegevens. Hieronder zie je een deel van de gegevens zoals die worden weergegeven op www.geese.org. Op de site staan tevens plaats, datum en naam van alle aflezers gemeld maar die plaats ik uiteraard niet vanwege privacybescherming.

De ring- en afleesplaatsen van Kolgans 5PT, een mannetje uit 2011.
Deze Kolgans was voor de aflezing van vandaag voor het laatst afgelezen in april 2012 in Estland. Daarna is hij waarschijnlijk doorgevlogen naar zijn geboorte- en broedgebied in de poolcirkel. Nu is hij weer terug om te overwinteren bij ons, een slordige 4500-7000 km vliegen. En dat elk jaar twee keer en in veel gevallen heel wat jaren achter elkaar. Ongelooflijk vind ik dat.

Op een naastgelegen perceel lees ik nog een zwarte halsring af: YCS. Later blijkt dat deze gans begin dit jaar door mede-blogger Sjerp, en diverse collega ringlezers uit de buurt is afgelezen.

Hoe zo'n gehalsringde Kolgans eruit ziet kun je hieronder zien.

Gehalsringde Kolganzen (Anser albifrons, White fronted geese), archieffoto.

Ondertussen loopt de middag op zijn einde. De zon zakt al aardig en de temperatuur ook. Nogmaals scan ik met de telescoop de groep ganzen af. Ineens zie ik een zwart koppie met een zwart snaveltje en een zwarte hals met een wit bandje. Hé, leuk, een Rotje (Rotgans), zeg ik tegen mijzelf. Rotganzen zijn kustganzen en het is altijd leuk als je er in het binnenland een ziet. De Rotgans komt vervolgens wat verder omhoog uit de kant en tot mijn stomme verbazing zie ik dat het een Witbuikrotgans is. Ik kijk en kijk nog eens, pak mijn vogelgids die ik altijd in de auto heb liggen om zeker te weten dat ik niet aan het hallucineren ben. Maar het klopt echt, een heuse Witbuikrotgans loopt daar in 'mijn' polder. Een Witbuikrotgans is een zeldzame soort in Nederland maar in het binnenland is het helemaal super. Niet vogelaars zullen misschien het gevoel van euforie niet begrijpen dat vogelaars ervaren als ze zoiets zelf ontdekken, of bij gebrek aan beter, een door een ander ontdekte zeldzame vogel zien. Je vogelaarshart gaat sneller kloppen, de adrenaline stroomt door je lijf en een intens geluksgevoel verwarmt je. Mij toch.
Ik probeer de enorme afstand waarop de vogel zit te overbruggen met mijn lensje maar meer dan een mager bewijsplaatje levert het niet op. Toch plaats ik hem hieronder (rara, wie kan hem vinden?) met meteen daaronder een betere (archief)foto van een Witbuikrotgans.

Witbuikrotgans en Kolganzen. (Branta hrota, Pale-bellied Brent Goose & Anser albifrons,White fronted geese)
Witbuikrotgans (Branta hrota, Pale-bellied Brent Goose ), archieffoto.

Omdat het al zo laat in de middag is geef ik de waarneming via obbsmap op mijn mobiele telefoon direct door naar waarneming.nl. Misschien zijn er nog vogelaars in de polder die nog snel net voor het donker van deze speciale gans kunnen meegenieten. Helaas komt er terwijl ik nog een tijdje wacht, niemand opdagen. Peter, Frank en Robert, die ik beide zondagen hiervoor in de polder tegenkwam zijn er nu net vandaag niet. Mijn vogelmaatjes bellen heeft weinig zin. Ze moeten van te ver komen om nog bij voldoende licht de Witbuik te zien. Vooropgesteld dat de groep blijft zitten want dat weet je maar nooit. Er hoeft maar een boer het land in te lopen of een traumatisch helicoptertje over te komen en zo'n enorme groep ganzen vliegt op en weg.

De middag loopt op zijn einde en het wordt tijd voor mij om naar huis te gaan. Glimlachend kijk ik nog even over de weilanden naar de ganzen, de Smienten, de Reigers, de Meerkoeten en de Buizerds die op hun paaltjes de wacht houden over deze mooie polder. Mijn groene hart.

Terwijl de zon onder de wolken oranje-rood vlamt, rijd ik met een zeer voldaan gevoel naar huis.

Zonsondergang over Polder Groot Mijdrecht (Sunset over Polder "Groot Mijdrecht'), archieffoto.